In Nederland wordt vaak gerept over een haat-liefdeverhouding met de zee. Enerzijds vormt de zee namelijk een bedreiging, zeker als een onstuimige weersituatie met de wind in de juiste (of moet ik zeggen: de verkeerde) hoek daartoe aanleiding geeft. Anderzijds is de zee voor ons puur natuur en genieten we graag van zijn schoonheid.
In het eerste deel van de lezing komen de kanten haat, bedreiging en geweld aan de orde. Wat bepaalt het niveau van de zee langs de |Nederlandse kust? Natuurlijk zijn eb en vloed belangrijk, maar in incidentele gevallen is de bijdrage van weer en wind net zo groot. Werken de effecten samen, dan treden stormvloeden op, met soms rampzalige gevolgen, zoals in 1953.
De schoonheid van de zee en de effecten die zich daarboven in de atmosfeer afspelen vormen het onderwerp van het tweede deel. We ontstijgen daartoe de gebruikelijke waarneempositie op het strand, in de duinen, op een schip of op een veerboot en bekijken zeeën en oceanen vanaf een hoogte van 700 à 800, in sommige gevallen zelfs 36000 km hoogte, kortom vanaf de positie waarin satellieten rond de aarde wentelen. Klassieke satellietbeelden in zwart-wit of - meer recent - kunstmatig ingekleurd bieden al een grote verscheidenheid aan informatie. De laatste jaren zijn er ook beelden beschikbaar in ware kleuren; deze bieden een nog weer imponerender kijk op zeeën en oceanen. Meer lezingen.