
Kees Floor,de Volkskrant, 2 januari 2009
'Toen ik werd geboren - in 1956 - was de kans op een Elfstedentocht één op vier', zei premier Balkenende vier jaar geldeden in een van zijn toespraken. 'Toen mijn dochter werd geboren - in 1999 - was die kans geslonken tot één op tien. Een enorme verandering in één generatie', concludeerde de premier. De winters in De Bilt werden in die 43 jaar ruim een halve graad warmer. Hoeveel meer opwarming van het klimaat van Nederland kan de Friese Elfstedentocht nog verdragen om levensvatbaar te blijven?
![]() | ![]() | ![]() |
Kans op een Elfstedentocht 1900-2008. Bron: Hans Visser, Planbureau voor de Leefomgeving.
In
de afgelopen honderd jaar is gebleken dat het evenement een stootje kan hebben.
Jaren van recessie, de oorlogsjaren en jaren zonder vrieskou kregen de organisatoren
en vrijwilligers niet klein. Zelfs een sprong van 22 jaar, van 1963 naar 1985,
werd moeiteloos overbrugd. Het elfstedenvirus lijkt vitaal genoeg om ook langere
perioden van inactiviteit te kunnen overleven. Het is alsof de Elfstedentocht
nooit zal verdwijnen. Maar zeg nooit 'nooit'. Want hoe gaat het bijvoorbeeld met
de continuïteit van het evenement als de huidige generatie schaatsers, ijsmeesters
en vrijwilligers van ijswegencentrales haar laatste tocht heeft volbracht en een
toekomstige generatie zelf geen Elfstedentocht meer heeft meegemaakt?
Staat
iets dergelijks te gebeuren? KNMI-klimaatonderzoeker Theo Brandsma houdt het op
vier tot tien Elfstedentochten in deze eeuw, waarvan de meeste in de eerste helft.
Voorlopig geen vuiltje aan de lucht dus. Ook statisticus Hans Visser van het Planbureau
voor de Leefomgeving heeft zich verdiept in de mogelijkheden van Elfstedentochten,
nu en in de toekomst. Hij komt uit op een verdere afname van de kans dat de tocht
kan doorgaan. In 2008 bedroeg die kans nog slechts 1 op 18. Die herhalingstijd
van 18 jaar is een gemiddelde. Nu eens zijn de tochten jaar op jaar, dan weer
zit er ellenlange periodes tussen.
Uitgaande van KNMI-scenario's voor klimaatverandering
tot het midden van deze eeuw, komt Visser tot nog veel verder afnemende kansen.
In het voor schaatsliefhebbers gunstigste geval bedraagt de kans op een Elfstedentocht
rond 2050 1 op 18. Dat klinkt nog niet zo alarmerend. In het meest ongunstige
geval, een bovengrens van de bovengrens - om de gedachten te bepalen vergelijkbaar
met de 1,30 meter zeespiegelstijging van de Deltacommissie, - is de gemiddelde
herhalingstijd voor 2050 echter 180 jaar. Hoewel er ook dan nog jaren met opeenvolgende
Elfstedentochten mogelijk blijven, zullen er - zelfs als de waarheid in het midden
ligt - generaties komen die de belevenis van de Tocht der Tochten niet uit eigen
ervaring kennen. Dan komt de Elfstedentocht op een heel andere manier dan in 1963
te verkeren in zwaar weer.
Kees Floor is weerpublicist
en oud weerkundig medewerker van de Volkskrant.