
Kees Floor, Meteorologica september 2010. ![]()
In maart van dit jaar kwam boven de zuidelijke Atlantische
Oceaan in de buurt van Brazilië een tropische cycloon tot ontwikkeling.
Het was de tweede maal dat in dat gebied het optreden van een tropische cycloon
werd vastgesteld; het begrip tropische cycloon moet daartoe wel ruimer geïnterpreteerd
worden dan we in Nederland en België gewend zijn.
Anita, zoals de recente tropische cycloon werd genoemd, bracht het niet verder
dan tropische storm, windkracht 8 en ging niet aan land. Voorganger Catarina
uit maart 2004 ging nog vergezeld van winden met orkaankracht, bereikte de
Braziliaanse kust wél en richtte boven land veel schade aan.
Op het noordelijk deel van de Atlantische Oceaan is inmiddels het hurricaneseizoen
2010 in volle gang. De Amerikanen hebben aan de vooravond daarvan een nieuwe
versie van de intensiteitsschaal van Saffir en Simpson in gebruik genomen.
Tropische cyclonen komen boven de zuidelijke Atlantische Oceaan
nagenoeg niet voor. De windschering tussen 1,5 en 12 kilometer is er doorgaans
te groot en de intertropische convergentiezone, die met zijn buien en luchtstromingen
meestal de eerste aanzet geeft tot de vorming van een tropische cycloon, ontbreekt
er nagenoeg. Het wereldkaartje met de banen van tropische cyclonen (figuur
1a) toont boven de zuidelijke Atlantische Oceaan dan ook een vrijwel leeg
gebied. Alleen voor de kust van Brazilië is een hurricane ingetekend
met een maximum van categorie 1 volgens de schaal van Saffir-Simpson (zie
verderop). Het blijkt te gaan om Catarina, een orkaan uit maart 2004 (figuren
1b en 1c), die de Brazilianen, onbekend als zij zijn met het verschijnsel,
ondanks aanhoudende waarschuwingen vanuit het Amerikaanse National Hurricane
Centre (NHC) in Miami, Florida, totaal verraste. De cycloon ging aan land
bij Torres, ongeveer 800 kilometer ten zuiden van Rio de Janeiro in de Zuid-Braziliaanse
staat Santa Catarina; vandaar de achteraf toegekende naam Catarina.
Inmiddels kan de kaart in die regio aangevuld worden met een tweede tropische
cycloon, die in maart 2010 opdook in hetzelfde gebied waar zes jaar eerder
Catarina had huisgehouden.
![]() |
![]() |
![]() |
| 1a. Banen van tropische cyclonen over een periode van bijna 150 jaar (afgesloten september 2006) op basis van gegevens van het Joint Typhoon Warning Center en het National Hurricane Centre. Boven de zuidelijke Atlantische Oceaan is slechts een tropische cycloon ingetekend: Catarina uit 2004. Anita van maart 2010 valt buiten de periode. Bron: Robert A. Rohde, Global Warming Art. |
|
|
Subtropische depressie 90Q
Op 8 maart begon een tot dan toe min of meer 'gewone' depressie boven de zuidelijke
Atlantische Oceaan ten oosten van Brazilië kenmerken aan te nemen van
een tropische storing. Vanaf dat moment werd het weersysteem beschouwd als
subtropische cycloon. 'Gewone' depressies hebben een koude kern, gaan vergezeld
van fronten en krijgen hun energie uit de wisselwerking tussen warme en koude
lucht. Boven zeewater van 21 graden of warmer vormen zich in zo'n depressie
onweersbuien. Na verloop van tijd kan de kern geleidelijk overgaan van koud
naar warm. Waterdamp, afkomstig van de warme oceaan, condenseert en de warmte
die daarbij vrijkomt levert een steeds belangrijker wordend aandeel in de
energievoorziening van het zich tot subtropische depressie ontwikkelend systeem.
Een subtropische depressie heeft zowel kenmerken van een 'gewone' depressie
als van een tropische cycloon. Zo is er een wolkenvrij oog met een gesloten
circulatie daaromheen. Daarbuiten bevinden zich, op een afstand van 150 kilometer
of meer, banden met zwaar onweer. De neerslag is minder intens en het windveld
doorgaans breder dan bij tropische cyclonen. Het patroon van wind en buien
is bij een subtropische cycloon minder symmetrisch.
Vanaf 9 maart volgden de meteorologen van de United States Naval Research
Laboratory in Washington, DC het weersyteem dat ze 90Q noemden, nauwlettend,
evenals hun collega's van het NHC en van het Hydrometeorological Prediction
Center (HPC) van de Amerikaanse Weerdienst in Camp Springs Maryland. Er kwam
voldoende beeldmateriaal beschikbaar dankzij onder meer de geostationaire
satellieten GOES-12 (figuur 2) en METEOSAT 9. Daarnaast waren er de gebruikelijke
'losse shots' van polaire satellieten als de NOAA-19 (figuur 3) en de Terra
(figuur 4).
![]() |
![]() |
![]() |
| 2. Satellietbeeld van de subtropische cycloon 90Q
(Anita) voor de kust van Brazilië. Het kaartje linksboven dient ter
plaatsbepaling. Datum: 9 maart 2010, 15:30 UTC. Instrument: Imager. Satelliet:
GOES-12. Bron: NOAA. |
|
4. Zichtbaarlichtbeeld van de tropische cycloon 90Q (Anita). Het oog is nog duidelijk zichtbaar. Datum: 12 maart 2010, 12:15 UTC. Instrument: MODIS, banden 1, 4 en 3. Satelliet: Terra. Bron: NASA/GSFC, MODIS Rapid Response. |
Tropische storm Anita
Op 9 maart werd nog gesproken over een subtropische cycloon. Een dag later
veranderde het HPC de classificatie van het compacte weersysteem en gaf het
het etiket tropische cycloon mee. Als een subtropische depressie zich enkele
dagen boven warm water bevindt, komt zo'n overgang van subtropisch naar tropisch
vaker voor. Meestal gaat men uit van een zeewatertemperatuur van 27 graden
of meer; in het geval van 90Q was het oceaanwater echter 'slechts' 25 graden.
Bij tropische cyclonen zitten de banden met onweer en het windveld dichter
bij de warme kern. Alle energie wordt geleverd door latente warmte; fronten
ontbreken.
Het kleurrijke 10.8 µm infraroodbeeld (kanaal 4) van de NOAA-19 (figuur
3) toont de tropische cycloon 90Q op 10 maart. De naar boven doorstotende,
koude, donker getinte toppen van zware onweersbuien hebben een temperatuur
van ongeveer -70 graden; ze genereren zwaartekrachtsgolven die zich in zuidwestelijke
richting voortplanten en goed zichtbaar zijn op het satellietbeeld.
Op 11 maart werden windsnelheden waargenomen van 40 knopen of hoger. Daarmee
was 90Q gepromoveerd tot tropische storm. Korte tijd later nam de wind al
weer af en na een paar dagen viel de tropische cycloon terug tot een gewone
depressie. Tegen die tijd was het weersysteem ook voorzien van een naam: Anita,
op 13 maart voorgesteld door de Meteorologische Dienst van Brazilië en
de gezamenlijke Braziliaanse weerproviders. Dat deze eerste tropische cycloon
van het seizoen een naam kreeg die met een A begint, zoals overal elders ter
wereld het geval is, is toeval. De Brazilianen, die niet over een namenlijst
voor dit soort verschijnselen beschikken, wilden het weersysteem dat zich
zo kort na de internationale vrouwendag, jaarlijks op 8 maart, had gevormd,
een meisjesnaam toekennen. De keuze viel op Anita, naar de in 1821 in de provincie
Santa Catarina geboren Anita Garibaldi, de Braziliaanse echtgenote en strijdmakker
van de Italiaanse revolutionair Guiseppe Garibaldi. Ze had ook een belangrijke
rol gespeeld in de geschiedenis van de regio.
Definities
In het voorgaande werd Anita opgevoerd als tropische cycloon, ook al bereikte
de wind in de omgeving van de kern bij lange na niet de daarvoor vereiste
windsnelheden van orkaankracht. Hoewel, vereist? Dat hangt ervan af. In sommige
delen van de wereld blijkt die eis inderdaad te gelden: Nederland, België
en het zuidwestelijk deel van de Indische Oceaan. Volgens onder andere een
factsheet van de WMO en de begrippenlijst van de American Meteorological Society
(AMS) is tropical cyclone echter niet meer dan een verzamelnaam voor alle
tropische depressies, stormen en hurricanes etc., ongeacht de sterkte. Op
die manier wordt de term dan ook gebruikt op de noordelijke Atlantische Oceaan,
de noordelijke Grote Oceaan en - voor zover de berichtgeving daarover plaatsvindt
door de Amerikaanse Marine - de noordelijke Indische Oceaan. Op het zuidelijk
deel van de Grote Oceaan zijn de eisen wat strenger: de wind moet er minstens
windkracht 8 bedragen. In de noordelijke Indische Oceaan wordt de term tropische
cycloon door de meteorologische dienst van India (IMD) niet gebruikt of is
hij niet gedefinieerd. Een overzicht van de spraakverwarring - in officiële
documenten variëteit aan terminologie genoemd - rond de gehanteerde definities
geven de websites van Australian Severe Weather en het Australische Bureau
of Meteorology Research Centre (BMRC).
De chaos wordt nog groter doordat, afhankelijk van het gebied op aarde, verschillende
middelingsperioden voor de wind worden gebruikt, namelijk 1, 3 en 10 minuten.
Daardoor kan een tropische cycloon in een gebied met over een minuut gemiddelde
windsnelheden als orkaan worden beschouwd terwijl elders, waar met over tien
minuten gemiddelde windsnelheden wordt gewerkt, niet aan het criterium van
64 knopen of meer is voldaan.
Blijft de vraag waarom we in Nederland een uitzonderingspositie hebben danwel
de regels voor de zuidelijke Indische Oceaan toepassen. Zou het een overblijfsel
zijn uit de tijd dat Nederlandse schepen op Indië voeren en vooral op
de zuidelijke Indische Oceaan geconfronteerd werden met tropische cyclonen
van orkaankracht? Leeft de door sommigen geroemde en anderen verguisde VOC-mentaliteit
nog voort in deze traditie van orkaanterminologie?
Discussies
Terug naar Anita; het optreden van deze tropische storm was goed voor talrijke
discussies op internet. Over een ding was men het eens: tropische cyclonen
zijn zeldzaam boven het zuidelijk deel van de Atlantische Oceaan, ook als
je het begrip tropische cycloon zo ruim opvat als bijna overal ter wereld
wordt gedaan. De conclusie dat de piek van het seizoen in maart valt, wordt
minder gedragen. 'Een verschijnsel dat zo weinig voorkomt, kan niet pieken',
zo luidt de tegenwerping. Ook de bewering dat er op de zuidelijke Atlantische
Oceaan slechts twee tropische cyclonen zijn opgetreden, wordt als niet onderbouwd
verworpen. De periode met betrouwbare informatie is daarvoor veel te kort,
zoals figuur 5 laat zien. De figuur toont in dunne lijnen de frequentie van
tropische cyclonen, in dit geval boven het noordelijk deel van de Atlantische
Oceaan; de dikke lijnen geven lopende 10-jaarlijkse gemiddelden. Boven in
de figuur is aangegeven op wat voor waarnemingen een en ander is gebaseerd.
Als een tropische cycloon het land optrekt, werd dat ook in het verleden doorgaans
wel opgemerkt. Daarnaast zijn er de rapporten in de scheepslogboeken, waaruit
kan worden geput. Verder zal vroeger lang niet altijd de juiste waarnemer
zich op de juiste plaats hebben bevonden Beelden van weersatellieten, die
tegenwoordig een belangrijke rol spelen bij het monitoren van tropische cyclonen,
zijn er pas vijftig jaar en de periode waarover windmetingen vanuit verkenningsvluchten
en satellietwinden beschikbaar zijn, is nog weer aanzienlijk korter. De stijgende
lijnen in de figuur worden dan ook geheel of gedeeltelijk (bijvoorbeeld in
combinatie met klimaatverandering) toegeschreven aan de betere waarneemtechnieken.
Verder werd er her en der gemokt over het ontbreken van een namenlijst voor
tropische cyclonen boven het zuidelijk deel van de Atlantische Oceaan. 'Daar
zou de WMO toch wat aan moeten doen. En anders kunnen we toch de eerste namen
van de Noord-Atlantische hurricanelijst gebruiken?', zo werd geopperd.
![]() |
|
|
5b. Frequentie van tropische stormen (vanaf 8 beaufort), hurricanes (vanaf orkaankracht) en 'major hurricanes' (categorie 3, 4 of 5 op de huidige Saffir-Simpson Wind Scale en op de vroegere Saffir-Simpson Hurricane Scale) op de noordelijke Atlantische Oceaan en in het Caribische gebied. Satellietwaarnemingen zijn beschikbaar sinds 1960. Verkenningsvluchten voor het meten van de windsnelheid werden uitgevoerd vanaf de jaren 90 van de vorige eeuw. Betere waarnemingstechnieken leiden tot een betere detectie en categorisering van tropische cyclonen, wat doorwerkt in de statistieken. Bron: Robert A. Rohde, Global Warming Art. |
Saffir en Simpson uitgekleed
Sinds 1 juni loopt ook op de noordelijke Atlantische Oceaan en in het Caribische
gebied het hurricaneseizoen 2010. Bij de meldingen en beschrijvingen van tropische
cyclonen wordt net als voorgaande jaren de eerder genoemde Saffir-Simpson
schaal gebruikt, die houvast biedt voor de intensiteit van de hurricanes.
De Saffir-Simpson Hurricane Scale (figuur 5a) werd opgesteld in 1969 door
consultant Herbert Saffir, gespecialiseerd in stormschade aan gebouwen, en
Bob Simpson, directeur van het National Hurricane Centre. Van nu af moeten
we het echter doen met een uitgeklede versie van deze schaal, zo liet datzelfde
NHC op 17 januari weten. De nieuwe editie bevat alleen nog windsnelheden en
bijbehorende schade; luchtdrukwaarden in de kern en wateropzetten zijn weggelaten.
Vandaar dat de schaal voortaan wordt aangeduid als Saffir-Simpson Wind Scale.
De luchtdruk werd in de jaren 70 en 80 van de vorige eeuw gebruikt als indicatie
voor de meest waarschijnlijke maximale windsnelheden. Sinds de jaren 90 bepaalt
men deze wind met speciale verkenningsvluchten en tegenwoordig ook met satellietwinden.
De wateropzetten werden in 1972 aan de schaal toegevoegd (zie figuur 6 links),
maar zijn daaruit nu dus weer verdwenen. Dat komt doordat er geen eenduidig
verband bleek tussen de windsnelheden en de wateropzetten die werden waargenomen.
Die opzet hangt af van de omvang van het windveld van de orkaan, de diepte
van de wateren voor de kust (figuren 6 midden en rechts), de snelheid waarmee
de orkaan zich verplaatst en de hoek die zijn baan maakt met de kust. Zo ging
de omvangrijke orkaan Ike met orkaanwinden tot bijna 200 kilometer uit het
centrum in 2008 bij Texas aan land als hurricane van de tweede categorie.
De wateropzet bedroeg ruim 1,5 meter. Ter vergelijking: in 2004 werd Florida
getroffen door de orkaan Charley als categorie-4-hurricane, maar het water
kwam niet meer dan 60 centimeter boven normaal. De kustwateren bij Florida
zijn diep, die voor Texas ondiep. In beide gevallen zaten voorspellingen gebaseerd
op de verouderde Saffir-Simpson Hurricane Scale er flink naast. Dat is natuurlijk
niet handig, want het door hurricanes opgejaagde zeewater eiste in de Verenigde
Staten in het verleden meer slachtoffers dan alle andere ongemakken -orkaanwinden,
tornado's en overstromingen door overvloedige regenval - bij elkaar. Vandaar
dat de Amerikanen er de voorkeur aan geven de wateropzetten voortaan per geval
en per locatie te voorspellen en de gegevens daarover uit de intensiteitsschaal
te verwijderen. Een recente versie van de Saffir-Simpson Wind Scale is onder
andere te vinden op de website van het NHC.
6. De Saffir-Simpson Hurricane Scale gaf oorspronkelijk per categorie van de intensiteit van de hurricanes ook aan hoe groot de bijbehorende wateropzet was (links). De wateropzet hangt echter ook van andere factoren af, zoals de diepte van de zee voor de kust. Bij ondiep water (midden) komt het door de wind opgejaagde water veel hoger dan bij diep water (rechts). Bron: COMET. Klik op de figuur voor een animatie.
Genoemde en geraadpleegde webpagina's:
AMS : http://amsglossary.allenpress.com/glossary/search?id=tropical-cyclone1
Australian Severe Weather : www.australiasevereweather.com/cyclones/global_terminology.htm
BMRC : Global Guide to Tropical Cyclone Forecasting, hoofdstuk 1, paragraaf
3. http://cawcr.gov.au/bmrc/pubs/tcguide/ch1/ch1_3.htm
CIMSS Satellite blog : http://cimss.ssec.wisc.edu/goes/blog/archives/4659
FAQ: http://www.aoml.noaa.gov/hrd/tcfaq/tcfaqHED.html
Masters, Jeff, op Wunder Blog van Weather Underground: http://latin.wunderground.com/blog/JeffMasters/archive.html?year=2010&month=03
MetsulBlog : www.metsul.com/blog/?cod_blog=1&cod_publicacao=134
NHC : www.nhc.noaa.gov/sshws_table.shtml?large
WMO : www.wmo.int/pages/mediacentre/factsheet/tropicalcyclones.html