Het ene record na het andere sneuvelde
Weerjaar 2006 gaat voor goud.
Door Kees Floor; , 27 december 2006.

DE BILT/MEPPEL - Op de valreep stevent het jaar 2006 af op een ongekend temperatuurrecord. Vrijwel zeker wordt het gemiddelde 11 graden of meer. Zo iets is in de 300 jaar waarover we in Nederland temperatuurwaarnemingen hebben, niet eerder voorgekomen.

"Eigenlijk leven we al bijna een half jaar boven onze stand", zegt Rob Sluijter, klimaatvoorlichter van het KNMI in De Bilt. "Vanaf juli ligt de temperatuur vrijwel onafgebroken drie tot zes graden boven het langjarig gemiddelde. Alleen de natte augustusmaand vormde hierop een uitzondering."
Een jaarrecord komt op dit moment niet meer helemaal onverwacht. Een onafzienbare reeks temperatuurrecords vormt het fundament waarop het eindresultaat is gebaseerd. "We hebben dan ook het ene record na het andere", gniffelt Harry Geurts, persvoorlichter van het KNMI. "Ook wíj zijn verrast door de vele temperatuurrecords. Zo waren de maanden juli en september beide de warmste in drie eeuwen", doet hij een greep uit de lange lijst van records. In juli kwamen twee hittegolven voor; dat was bijna zestig jaar niet meer vertoond". "Vlak ook oktober en november niet uit", vult Sluijter aan. "Beide maanden waren goed voor een tweede plaats in de top tien van warmste maanden. Overigens sloeg ook juni bepaald geen slecht figuur".

Record verpulverd
"Records hebben geen status meer", verzuchtte weerman Jan Visser al in de laatste week van augustus. "Ze moeten er zijn om juist niet gebroken te worden", vond hij vroeger altijd, maar dat ging aan het eind van de zomer dus al niet meer op. En de recordwarmte van september stond er nog aan te komen.
Twee maanden later bleek dat de herfst van 2006 een gemiddelde temperatuur had van maar liefst 13,6 graden. Daarmee was het ook nog eens de zachtste herfst in de geschiedenis van de weerwaarnemingen. Het record, dat nog geen jaar oud was, werd meer dan 1,6 graad scherper gesteld en daarmee in feite verpulverd. Zo'n spectaculaire verbetering van een temperatuurrecord in een keer is op zich al een record. "Een extreem warm seizoen dat vroegers eens in de honderd jaar voorkwam, kunnen we tegenwoordig elke tien jaar tegemoet zien", denkt Geurts, die dat deels toeschrijft aan de opwarming van de aarde door het versterkt broeikaseffect. Geurts is tevens auteur van een uitgebreid oeuvre over klimaatthema's dat hij na de regen aan weerrecords van dit jaar grotendeels zal moeten herzien of herschrijven.

Herfstwarmte ongevaarlijk
"De herfstwarmte heeft nagenoeg geen gevolgen gehad voor het leven van alledag", lieten de directeuren van de weerdienstende in de verschillende Europese landen na het bekend worden van de cijfers in Nederland en elders in Europa weten. "Maar als zoiets zich drie maanden eerder voordoet, krijg je zomers als die van 2003, met alle ellende van dien". De grote droogte, de doorgebroken veendijken en de problemen met het koelwater van elektriciteitscentrales liggen velen in ons land nog vers in het geheugen. In Frankrijk kwamen daar nog de door de extreme hitte verhoogde sterftecijfers bij, wat vervolgens veel politieke trammelant opleverde.

"Begin der waarnemingen"
"Als het in Nederland weerrecords regent, gaat mijn weeramateurhart weer helemaal open", zegt Huug van den Dool. "Vooral als ik er zelf bij ben". De klimaatonderzoeker is verbonden aan het Climate Prediction Center in Camp Springs, Maryland en is van daaruit letterlijk en figuurlijk met enige distantie het weer hier via internet blijven volgen. Van tijd tot tijd keert hij terug naar Nederland voor familiebezoek of voor overleg met collega's op het KNMI, waar hij vroeger werkte. De laatste keer was midden november, toen hij op de zestiende naar eigen zeggen "genoeglijk aan het fietsen was in de buurt van Steenwijk en Ruinerwold". Ondanks de vele jaren in een Engelstalige omgeving is zijn Nederlands nog accentloos en plaatsaanduidingen als Kallenkote en Kalekluft krijgt hij moeiteloos over de lippen. Net op die fietsdag sneuvelde er weer een warmterecord en werd het in De Bilt 16,4 graden. "Sinds het begin der waarnemingen", zegt Van de Dool gekscherend, omdat hij ook wel weet dat daar in dit soort gevallen doorgaans 1 januari 1901 mee wordt bedoeld, "was de temperatuur in de tien dagen rond midden november in De Bilt niet zo hoog opgelopen. De opwinding was niet van de lucht", draaft hij door. "Ik zag vluchten kieviten oefenen voor een uitgestelde trek, zag jonge eendjes uitkomen, keek verbaasd naar een landje vol bloeiende paardenbloemen en had spijt dat ik mn korte broek niet uit Amerika had meegenomen," schreef hij later in zijn column in het weervakblad Meteorologica.
Van den Dool maakt van de gelegenheid gebruik de extremenkoorts wat te temperen. "Dat op veel andere plaatsen waar al even lang een thermometerhut staat, de hoogste waarde niet werd gehaald, mocht de pret nauwelijks drukken", relativeert hij. "In Maastricht werd het die dag 18,8 graden en dat was bijna een volle graad te weinig om het record voor die locatie omver te werpen. Hoe het in Kallenkote zat, zullen we nooit weten."

Uitleggen
Gelukkig zijn er ook woorden van lof: "Het getuigt van goede smaak om de records te presenteren in perioden van tien dagen," aldus een tevreden Van den Dool. "Daardoor kun je de temperatuur op 16 november 2006 - goed voor een eerste plaats - vergelijken met die op 13 november 1938 - nummertje twee. In Amerika heb je de ene dag een record met 35 graden, terwijl een dag later 37 graden net iets te weinig is voor een topnotering. Leg dat maar eens uit!" Later zou blijken dat ook in Nederland de weerkundigen nog wat uit te leggen hebben. Het record voor de laatste tien dagen van november ging naar 25 november 2006. Het werd toen in De Bilt 17,2 graden, dus warmer dan de hoogste temperatuur in de tiendaagse periode direct ervoor.
De in de Verenigde Staten werkzame klimaatonderzoeker had zelf overigens ook nog wat uit te leggen. In zijn KNMI-tijd werkte hij aan "overgangsregels", die het verband aangaven tussen het weer in een bepaalde maand en het weer in de maand ervoor. Volgens een van die regels volgt op een mooie julimaand doorgaans een dito augustus. "Na de extreme julimaand sloegen bij veel weerliefhebbers de stoppen door", constateert Van den Dool. "Rond 1 augustus heette de zomer van 2006 bij die groep al de warmste aller tijden. Daar moet je dus mee oppassen", waarschuwt hij terecht. Inmiddels weten we dat de illusies volledig ten onder gingen in het ongekende waterballet van augustus. Weg record. Overigens eindigde de uiteindelijk bronzen zomer van 2006 toch nog op een verdienstelijke derde plaats (gerekend vanaf 1901).

Signaal
Records over korte periodes mogen dan deels bepaald worden door het toeval, een jaarrecord is echter een duidelijk signaal. Door de recente aandacht voor klimaatverandering, - waarbij Al Gore en Clinton in Nederland nog even olie op het vuur kwamen gooien en onze eigen politici-in-verkiezingstijd niet achter konden blijven, slaat zo'n signaal sterk aan. Bovendien is het geen losstaand gegeven. "In 1999 en 2000 konden we ook al het warmste jaar ooit noteren", net als in 1990", weet klimaatvoorlichter Sluijter. Maar de drempel van 11 graden werd in al die gevallen net niet gehaald. Bovendien lag er toen aan de records steeds een zachte winter ten grondslag; 2006 is extreem zacht na toch een koud begin."
In de toekomst kunnen we meer warme perioden tegemoet zien. Toch zal een najaar als dat van 2006 niet zo vaak voorkomen. "Zonder klimaatverandering zou een herfst als deze eens in de tienduizend jaar optreden", zegt Geert Jan van Oldenborgh, eveneens werkzaam bij het KNMI als klimaatonderzoeker. "Neem je de opwarming van de aarde mee, dan wordt dat eens in de tweehonderd tot vijfhonderd jaar. Nog steeds uitzonderlijk, dus."
In een jaar dat weergeschiedenis schrijft, zijn een gouden herfst en een bronzen zomer dus voldoende voor - waarschijnlijk - goud in het totaalklassement. De koude start en de verregende augustus doen daar niets aan af.